Trainen voor de AGR

IMG_6582Na het eerste ritje door Limburg, is het tijd om nu echt serieus aan de slag te gaan voor de AGR. Op 11 maart stappen mijn fietsmaatje en ik de auto in, op weg naar het heuvelige zuiden.

In de auto hebben we het over het komende tochtje.

Ik probeer een beetje mijn eigen (bijna niet-bestaande) ervaring te delen. Vooral dat je op je eigen tempo moet rijden, dat had ik vorige week geleerd. Op een niet te zwaar verzet. Rustig aan beginnen. Niet persé bij elkaar blijven. Bovenaan wachten we wel als dat nodig is. De tijd nemen. Rusten als het moet.

We gaan het zelfde rondje rijden dat ik een week eerder heb gereden. Het is lekker weer als we in Simpelveld van start gaan.

Wat is het toch genieten op een racefiets. Mijn Bullsje voelt weer geweldig zalig aan.

Zoveel lekkerder op de weg dan met de MTB. En ik heb meer lucht, dat scheelt. Al snel gaat het jack uit, want binnen no time zit ik me al kapot te zweten. En niet alleen door dat lekkere zonnetje, maar vooral door die helling omhoog.

Ik ken de route van vorig keer, en weet wat er allemaal gaat komen. Dus kan ik een beetje waarschuwen waar op te letten. Vorige keer viel ik in een bocht die ineens redelijk steil omhoog ging compleet stil. En natuurlijk zat m´n klikpedaal nog vast. Kon ´m nog net op tijd los krijgen, maar de schrik zat er goed in.

Ik waarschuw dat die bocht eraan komt, met een gemeen kort kuiten-bijtertje.

Waar ik vorige keer vreselijk in de problemen kwam, kan ik nu doortrappen. Natuurlijk met hevig versnelde ademhaling, maar ik hoef niet meer stil te staan.

Ik kijk achterom en zie dat m´n maatje wel bijna stil valt. Ze heeft het zwaar. Net als ik vorige keer. Ze ze valt niet stil, trapt door en haalt het.

We fietsen door en na een stukje lekker glooiend terrein, gaan we toch echt weer omhoog. En het is zwaar. Binnensmonds vervloek ik al die klote kilo´s.

Zodra het wat vlakker wordt stop ik even om te wachten. Vorige keer al geleerd dat stoppen op een steiler punt betekent dat ik gewoon niet meer terug op kan stappen.

Dit is het punt waar mijn man vorige keer zei dat ik die AGR wel op mijn buik kon schrijven! Waar ik het zelf ook zo zwaar had en nu zie ik mijn maatje zwoegen. Ik voel het ook. Het is allemaal zo herkenbaar.

We blijven nog even staan en ik heb het over een heuveltje dat eraan komt. Dat ik het de vorige keer daar ook vreselijk zwaar had. Maar dat we het gewoon op ons gemak gaan doen.

We hebben immers alle tijd. Belangrijkste is immer niet hoe, maar dát we het halen!

Zwaar hijgend boven aangekomen zet ik m´n fiets in de berm, op de grens met België. Ik moet stiekem even lachen dat er hier snelheidscontrole met radar is, net alsof we daar doorheen gaan knallen.

Het klimmen voelde lekker vandaag. Zoveel lekkerder dan vorige keer. Mijn benen voelen beter. Mijn rug voelt beter. Ademen is iets makkelijker. Ik voel me weer wat sterker geworden. En stiekem kan ik er van genieten het mezelf zwaar te maken. Want dan is het bovenkomen zoveel lekkerder.

Dan zie ik mijn maatje knokkend de bocht om komen. Ze heeft het moeilijk. Gezicht staat strak en haar blik voorspelt niet veel goeds. Maar ze trapt door. En uiteindelijk is ze toch maar mooi boven gekomen.

Ze vertelt dat ze moest stoppen halverwege. (Net als ik vorige keer dus.) Maar daar waar ik geen twijfel had dat ik het rondje uit ging rijden, is zij er helemaal klaar mee. Ze zegt dat ze er niks aan vindt. Ze wil terug. Dit was een vergissing. Ze had niet verwacht dat het zo zwaar zou zijn. Ze wil dit helemaal niet, het is niet leuk.

Fak denk ik, wat nu? Ik voel het mee. Het is gewoon zo klote als het niet lukt. Ik herken het allemaal. En begrijp het volkomen.

Ik verzeker haar, dat het zo beter gaat worden.

Dit eerste stuk is het zwaarst geweest. Het moeilijkste is voorbij. Nog een kilometertje en dan gaat het veel makkelijker worden. Ik vertel haar dat ik vorige keer precies dezelfde problemen had. Dat ik stilviel. Dat ik niet meer kon. Dat ik compleet buiten adem was. Dat het niet uitmaakt hoe lang we er over doen.

Gewoon rustig doortrappen.

Maar dat het echt makkelijker gaat worden.

Ik hoop met alle macht, dat ze er voor kiest om niet op te geven. Dat ze dadelijk ook gaat voelen dat het juist zo lekker kan zijn.

Het zijn namelijk die kleine overwinninkjes, op jezelf en op je eigen lichaam, die je uiteindelijk er toe aanzetten steeds grotere stappen te maken. Steeds verder te gaan, harder te pushen. Het gevoel te ervaren dat je het wél kan, ondanks dat anderen zeggen van niet.

Ondanks dat je zelf eigenlijk altijd hebt gedacht van niet.

Als je dáár doorheen trapt, dan gaat de wereld open. En ik wil zo graag dat ze dat vandaag ook voelt.

Ze is nog niet helemaal overtuigd. Vorige keer stelde mijn man precies op dit punt voor om terug te gaan. Ik wilde toen absoluut niet terug, maar nu lijkt het bijna een mogelijkheid te gaan worden.

Nogmaals beloof ik dat het zo makkelijker wordt. Mooier. Meer bergaf. Minder steil. Het gaat goed komen. Ík ben ervan overtuigd dat ze het kan, maar dat kan ze alleen zelf meemaken als we doorgaan. Als ze voelt hoe gaaf het kan zijn, dan gaat het lukken.

Want uiteindelijk zijn het allemaal mini-overwinningen op jezelf, ieder bergje weer. En daarvoor hebben we ons toch ingeschreven voor deze toertocht?

“Als het over een paar kilometer echt niet gaat en je wilt écht niet meer, dan zoeken we een terrasje en rij ik gewoon terug om de auto te gaan halen.” Het is mijn laatste poging.

Er is niets te verliezen, maar zoveel te winnen.

Gelukkig besluiten we toch door te gaan. En beetje bij beetje begint het gevoel te veranderen. Er verschijnt een glimlach. Het begint leuker te worden. En het lijkt of er ineens iets is geklikt. Een ritme gevonden is. Het juiste verzet. En de lach breekt door. En die blik van overwinning, die ken ik ook.

Weer een heuvel op, dit keer zo´n glooiende waarvan de weg helemaal zichtbaar is en eindeloos omhoog lijkt te gaan. Zo eentje waarvan je denkt, damn, echt waar?!

“Rij maar door” zegt ze, als ik naast haar blijf rijden. Ik zie dat ze het meent. Bovenaan wacht ik. Even maar, want ze komt er al aan. Geweldig gewoon. Stug doortrappend. Ze gaat het halen, in één keer.

Het is nu niet alleen geruststelling die ik voel, maar vooral ook een enorme trots. Ik weet immers maar al te goed hoe het voelt als je zelf je eigen drempel overgaat en voelt dat je het wél kan.

En wat ben ik immens blij dat zij dat nu ook voelt.

Ik zie het in haar gezicht. Ze wéét het: Ze gaat gewoon omhoog. Ze KÁN dit!

IMG_6580Bijna terug bij de auto, komen we op Lus 2/3 van de Amstel Gold Experience. Tijd om een fotootje te maken natuurlijk. Want iedere overwinning moet je vastleggen, voor als je het ooit effe niet ziet zitten.

Gaan we het zwaar krijgen? Vast en zeker.

Gaat het afzien worden tussen die 15.000 deelnemers? Zonder enige twijfel!

Zullen we ergens omhoog moeten lopen met de fiets in de hand? Ehm, ja lijkt me wel hoor.

En ja, we moeten toch echt nog een paar keer terug naar Limburg.

Om meer te trainen. Om te wennen aan het moeten klimmen, maar ook aan het dalen. Om te leren schakelen. Om nog meer door te zetten. Om kilometers te maken. Om te genieten en te ouwehoeren.

Want mijn maatje is een geweldig toffe meid. En wat ben ik super blij dat ze hier in mee is gegaan, om dit samen te kunnen gaan doen.

Plus ik moet nodig leren staand te klimmen op die pedalen. Zij kan dat al wel, doet het gewoon. Heb t al een paar keer gezien en stiekem ben reuze jaloers op die losse ongedwongenheid van haar op de fiets, daar waar ik 3 kleuren stront kak of snel uit moet klikken, bang om te vallen.

Maar dat ga ik haar natuurlijk niet zeggen.

Met nog een klein maandje te gaan, wordt het duidelijk dat er nog veel werk aan de winkel is.

Maar het is na vandaag ook 100% duidelijk dat het helemaal goed gaat komen. We gaan er namelijk voor!