Ik ben geen wielrenster: Classico Boretti 2015

Een maand geleden had ik me ingeschreven voor de Classico Boretti. Op voor de 115 kilometer. Om vast een volgende rit op het programma te hebben na de Amstel Gold Race. Om door te gaan. Meer ervaring op te doen.

2 Weken geleden werd het “onze rit”, toen mijn man ineens besloot een racefiets te zoeken. Ik had de hoop op een tweede racefiets in huis allang opgegeven. Hij wou er beslist niet aan, was blij met zijn mountainbike en dat konden we toch ook samen doen?

Maar een paar dagen na de Amstel Gold race vroeg hij ineens wat de maat van mijn racefiets was. “Zomaar….”

Toen hij ´s middags thuis kwam en tussen neus en lippen zei dat hij wat op marktplaats had rondgekeken, ben ik er meteen opgedoken. Iets met het ijzer smeden als het heet is, dit was hét moment.

Diezelfde avond nog stond er een tweede racefiets in huis.

IMG_7380 Cube… triple 10 speed Ultegra afgemonteerd en hoog toe aan een opknap- en poetsbeurt. Maar hij reed en had niet al te veel gekost.

In de auto op de terugweg naar huis kreeg ik het tweede gedeelte van zijn plannetje te horen. Nu hij een racefiets had, wilde hij dan toch eigenlijk ook wel mee doen met die Classico Boretti.

Natuurlijk was ie al wel wat gewend op de mountainbike. Maar ervaring met langere tochten was minder, boven de 65 kilometer werd het toch wel pittig.

Dus dat werd nog “even” trainen en dat heeft ie gedaan.

Bijna iedere dag is ie een stuk gaan fietsen op zijn nieuwe fiets. Gewoon rondjes hier in de buurt.

En samen 3 ritten gemaakt in de week voor de Boretti.

IMG_7525De zaterdag eentje van 95 kilometer, het verste dat hij tot dan toe had gefietst. Meteen de maandag erop richting Arnhem gereden om daar de buurt wat te verkennen en wat heuveltjes mee te pikken.

Want ook al is het niet de Amstel Gold, er zouden toch een dikke 500 hoogtemeters gemaakt moeten gaan worden. Natuurlijk wel zo fijn om dan even het een en ander geoefend te hebben.

Vooral de Italiaanseweg meegepikt, want die had ik al op youtube zitten kijken. En leek me toch wel een goed idee die even te verkennen, dus maar mee gestart tijdens onze koningsdag trainingsrit.

Afgelopen woensdag een nog wat langere ritje, 106 kilometer in totaal. En toen kwamen toch de twijfels naar boven bij hem, of ie wel of niet de rit zou kunnen uitrijden. Daar waar het lijkt of bij mij na 50 kilometer de motor pas goed is opgewarmd, gaat die bij hem namelijk juist steeds moeizamer lopen.

We zouden wel zien.

Zaterdag 2 mei was dus hét moment aangebroken om samen van start te gaan.

Om 7 uur ´s ochtends van huis vertrokken, precies volgens planning. De avond er voor nog een spinles gegeven en die voelde ik dus meteen in mijn benen tijdens dat eerste glooiende stukje omhoog.

IMG_0003Maar dat mocht de pret niet drukken.

Ik wist dat ik dit kon, dus gewoon lekker opwarmen en doortrappen.

De eerste 25 kilometer vlogen voorbij. Al moet ik wel bekennen dat ik op een gegeven moment dacht, “Oh, nog maar 90 kilometer” en precies op dat moment het lood me in mn schoenen zakte.

90 Kilometer, alsof het niets is!

Het was mooi weer, het zonnetje begon te schijnen en eigenlijk kon de dag niet kapot.

Helaas was dat niet voor iedereen zo.

We werden namelijk ineens ingehaald door politiewagen en ambulance met luide sirenes, die  een kilometer verderop stil gingen staan.

Toen we dichterbij kwamen was het een behoorlijke drukte. De weg volledig geblokkeerd, vele fietsers die stonden te kijken, velen die omdraaiden om een omweg te zoeken. Verslagen gezichten. En het was meteen duidelijk dat het behoorlijk foute boel was.

Later bleek dat er een 56-jarige man onder het wiel van een tractor terecht was gekomen en zwaargewond met de traumaheli naar het ziekenhuis gebracht is. Net nog druk zitten zoeken of er meer nieuws was vrijgegeven, want je hoopt uiteraard dat het uiteindelijk toch nog mee valt.

Wij zijn doorgefietst, al is dat ongeval natuurlijk wel een tijdje in mijn hoofd blijven hangen.

IMG_0009

Vorig jaar toen ik net mijn fietsje had en op zoek was naar uitdagingen, kwam de Classico Boretti meteen op de voorpagina van Google. Het leek me geweldig aan zo´n evenement mee te doen, deel te nemen met al die andere enthousiastelingen.

Te kunnen zeggen “ik heb de Classico Boretti 115 gereden”, mezelf op de schouder te kunnen kloppen en er een vreselijk lelijk geel shirtje aan over te houden, ter herinnering.

En zo´n rit te volbrengen zonder er compleet kapot aan te gaan.

Toegeven, het is een geweldig gezicht, die slierten wielrenners/fietsers door het groene landschap, maar is dat dan dé reden om mee te doen?

En nu, terwijl ik dit blog schrijf, gaan er nog steeds allerlei gedachten door mijn hoofd over gisteren.

Over toerritten zoals de Classico Boretti en de Amstel Gold. Over de reden om mee te doen.

Over de totaal uiteenlopende mensen die meedoen, ieder met eigen achtergrond, ervaringen en doelen. En hoe iedereen tijdens zo´n evenement met elkaar omgaat. Ik begin helaas ook steeds meer alle negatieve commentaren over wielrenners te begrijpen.

En daar waar ik 2015 ben begonnen met de gedachte zoveel mogelijk van dit soort ritten mee te rijden, ben ik daar nu over gaan twijfelen.

Maar ook de vraag “wanneer ben je nou echt een wielrenster?” speelt door mijn hoofd.

Is dat als je in een groepje zo snel mogelijk zo´n toerrit uitrijdt? Andere fietsers afsnijdt om een halve seconde te winnen? Alleen aan je eigen resultaten denkt, alle anderen op de weg verwensend omdat ze precies op “jouw lijn” rijden en niet snel genoeg “jouw pad” vrijmaken?

Of als je het duurste van het duurste materiaal onder je kont hebt, elk grammetje eraf schraapt en overbodigheden als licht, bel of ventieldopjes thuislaat, omdat je daardoor tijd verliest?

Moet je boven een bepaalde gemiddelde snelheid rijden, of dat nou wel of niet toegestaan is op dat stuk weg en of het andere verkeer op de weg dat nou wel of niet toelaat?

En ik begon me af te vragen waarom we die €25 euro hadden betaald. Zeker toen we op de bevoorradingsplek waren aangekomen en daar niet eens meer water was om je bidon te vullen, je een met de handen gebroken stukje sportreep kreeg aangeboden van een sponsor nadat je samen met 10 andere vrouwen in de rij had staan wachten voor die ene wc.

Op die zelfde bevoorradingsplek kreeg ik trouwens nog een geweldig compliment. Een wat oudere man begon tegen me te praten, over zijn geweldige fiets. Over dat ie even daarvoor ergens in Spanje had gezeten om te trainen, over lechampion en lange tourritten en nog meer dingen die je zo uitwisselt, vreemde fietsers onder elkaar.

En toch moest hij ook nog even commentaar geven op mij. “Ik zag je daarnet klimmen, mijn respect heb je hoor, echt knap gedaan van je!”

Ik bedankte vriendelijk en zei een beetje ongelovig (en naïef) “Je respect?” …want ik geloof niet dat ik nou zo´n geweldige klimster ben om daar een compliment over te geven.

“Ja” zegt ie, “het moet toch een behoorlijke opgave zijn om die heuvels te beklimmen, met jouw gewicht enzo.”

Ik had nog wat willen antwoorden, willen vertellen van waar ik ben gekomen en waar ik naar toe wil.

Maar zijn natuurlijk goedbedoelde compliment was als een trap om mijn hart aangekomen. Net als die klote opmerking een paar weken geleden bij de Amstel Gold.

Ik probeer opgewekt een grapje te maken. Probeer het me niet te laten raken, maar binnenin heb ik er de pé in.  Goed gedaan, voor zo´n dikkertje. Ik voel me belachelijk. En triest. Het zal nooit lukken om daar vanaf te komen.

We rijden verder, nog een ruime 50 kilometer te gaan en een aantal heuveltjes die ons nog staan te wachten op het einde.

Classico Boretti 2015 | Ride | Strava

 

De Italiaanseweg bijvoorbeeld, die we nu na 80 kilometer in de beentjes op moesten.

Wel heel erg leuk om te doen, maar toen we op de Fonteinallee reden en er bijna waren, moest ik toch even slikken. Mijn versnellingen liepen niet lekker en ik had het grootste gedeelte van de tocht op het midden of grootste blad moeten rijden.

De lichtste versnellingen zou ik ook nu wel weer kunnen vergeten, terwijl ik ze nu toch wel goed zou kunnen gebruiken. Als je wel eens de Italiaanseweg bent op gegaan, weet je dat het eerste stuk het zwaarste is. En ik had het inderdaad zwaar.

Zonder het kleine blad en met al die hobbels, na 80 kilometer en een spinles de avond ervoor, voelden mijn benen loodzwaar aan.

Halverwege het eerste stuk, ruim voor de bocht, begon ik bomen te tellen. In ieder geval tot de volgende. En de volgende. Toch nog een keer proberen dat kleine blad op te gaan. Geen geluk, dus ik zal op het middelste omhoog moeten komen.

Volgende boom. Nog steeds die bocht niet in zicht. Wel een man die was afgestapt en lopend verder gaat. Nog een boom. Een andere man die langzaam omhoog lijkt te kruipen. Mooi, daar kan ik achter gaan zitten.

“In zijn wiel, uit de wind…”, ik lach in mezelf, om mezelf. Gelukkig, ik kan gewoon nog lachen.

Doorgaan. Nog een boom. Zal ik afstappen en kijken of ik zelf mijn versnellingen “even snel kan afstellen”? “Mafkees… daar heb je helemaal geen verstand van”… plus als ik afstap geef ik mezelf gewonnen… grrrr … doorgaan!

Concentreren op mijn ademhaling. Proberen die onder controle te houden. Rustig blijven. Nog iemand die is afgestapt. Afgelopen maandag reed ik hier gewoon naar boven. Op het middelste blad, dat wel, en zonder kilometers in mijn benen. Dan moet ik dit vandaag toch ook wel weer kunnen?! Ik ga iemand voorbij die het nog langzamer gaat dan ik. Nog een boom.

De bocht, eindelijk, dus nu gaat het makkelijker worden.

Adem pakken en nu door. Tandje zwaarder en nog een. Het begint zowaar op te schieten. Nu kijg ik weer ritme en stop ik dus echt niet meer.

Hijgend kom ik boven waar hele groepen staan te wachten op hun mederijders. Iedereen heeft hier zijn eigen mini-gevechtje gehouden, of niet.

Nog maar 30 kilometer en dan zijn we er. Alleen nog even de Grebbenberg, de Stokweg en de Defensieweg. Allemaal de eerste keer, maar tijdens het klimmen weet ik al dat ik hier over een aantal maanden vaak terug zal keren.

Om sterker te worden. Beter en sneller te kunnen klimmen. Om te onthouden dat ik door moet zetten. Maar zelfs vandaag heb ik er al lol in, ondanks dat ik niet relaxed het kleine voorblad kan gebruiken.

Voor ik het weet zijn we bij de finish.

Het is weer voorbij. 115 Kilometer. Anti-climax gevoel, want het is eigenlijk té snel naar mijn zin.

Misschien omdat het uiteindelijk toch niet zo zwaar was als ik stiekem had gehoopt. Had ik me toch moeten inschrijven voor de langere afstand?

 

IMG_7577

 

Sinds de Boretti zit ik met gemengde gevoelens, vandaar ook dat ik niet meteen erna in “de pen” ben geschoten om verslag te doen.

Hoe verder.

Wat zijn mijn volgende doelen en wát wil ik nou eigenlijk precies bereiken?

Moét ik eigenlijk iets willen bereiken?

Wat is er zo speciaal aan een Classico Boretti bijvoorbeeld, als je diezelfde rit ook gewoon met een stel vrienden kan rijden, op welke dag van het jaar dan ook?

En zal ik ooit een “wielrenster” worden, of belangrijker nog, wíl ik dat eigenlijk wel?

Als het betekent dat ik mijn leven op spel zet om een QOM te halen of anderen begin af te snijden om een paar seconden winst, dan hoeft het voor mij allemaal niet.

Dan rijd ik liever als een opoe, wachtend bij het rode stoplicht, inhalen als het verantwoord is, mét bel. Die paar extra gram, geloof dat ik me daar pas druk over hoef te maken als ik die overtollige lading kilo´s kwijt ben.

Maar volgens mij ben ik dus gewoon een fietster, die toevallig op een racefietsje rijdt.

Eentje die ook graag spint en aan indoor cycling marathons meedoet.

Eentje die graag af en toe door de bossen rost op de MTB of zo op vakantie gaat. Gewoon een fietster die af en toe op haar racefietsje stapt, totaal niet gesoigneerd volgens de regels, en witte lijnen op haar benen verafschuwt.

Eentje die innig verliefd is op haar fiets, ook al is het geen carbon. Gewoon graag een heel eind weg trapt. Om even aan het dagelijkse leven te ontsnappen, mijn hoofd leeg te maken en opmerkingen van me af te kunnen schudden daar waar nodig.